donderdag 11 augustus 2011

236 schakels - 11.

‘Hoe ging het vandaag?’
‘Hoe vond u het gaan?’
U, beleefdheidsvorm die zij bij Mark niet hoefde te gebruiken tenzij de omstandigheid erom vroeg.

‘Antwoord me.’
‘Het voelde dubbel. Ik vond het doodeng, vernederend, afschuwelijk maar naarmate de tijd verstreek en het me lukte geld bij elkaar te harken, begon ik het leuk te vinden. Denkt u dat ik genoeg bij elkaar heb gebedeld?’

‘Het probleem dat ik heb Kate, is dat ik je geen moment heb zien bedelen. Je hebt mensen, mannen verleid met je lichaam, je lach, die bloemen tussen je borsten. Je bespeelde het Rokin, mij incluis, en daarmee heb je de opdracht verprutst.

Ik heb me vannacht afgevraagd in hoeverre ik de niet onaanzienlijke geldsom die je hebt verdiend met je hoerige gedrag als goedmakertje kan beschouwen, of het feit dat je misschien nog niet volledig beseft in wat voor situatie je je eigenlijk bevindt.

Als verzachtende omstandigheid zou ik kunnen aanvoeren dat ik je misschien het verkeerde attribuut, dat mutsje heb meegegeven. Als je je hand had moeten ophouden, had je je automatisch nederiger opgesteld en was er een andere energie gaan stromen tussen de voorbijgangers op het Rokin en jou.

Als je ieder ander was geweest had ik je waarschijnlijk een halve schakel voor je moeite toegekend, voor de drempel die je hebt genomen, voor de ruim 400 euro die in het mutsje zaten en de bloemen voor Tessa. Maar jij bent niet ieder ander.’

‘Oh, dus u geeft mij er twee’?
Hij stak het gas aan, deed boter in de koekenpan, kieperde het eiermengsel er bovenop en begon koffie te zetten.

‘Het spijt me.’
‘Ja, mij ook.’ Hij zette de koffie en een bord met de omelet op de tafel ter hoogte van waar zij stond en wenkte haar naderbij te treden, schonk zichzelf nog een glas wijn in en ging zitten. ‘Smakelijk eten.’

Onzeker keek ze van het bord naar hem en terug, van het bord naar de besteklade naar hem en weer naar het bord. Hij dronk van zijn wijn en bladerde door de krant. Dat zij staande en zonder bestek moest eten, interesseerde hem niet. ‘Lekker.’
‘Ik ben blij dat het je smaakt.’

Snel genoeg was het bord leeg. Ze nam haar kop en zei: ‘ik denk dat ik maar weer terug naar bed ga.’
‘Ja, doe dat.’
Maar ze ging niet. Misschien dat hij daarom opstond, zijn glas pakte, een sigaret opstak en naar het balkon liep.




Kate